Recente publicaties Lees verder
ICCS symposium in Brazilie Lees verder
Het KCB heeft een filiaal geopend in Zuid-Amerika.
U vindt hierboven de link naar de Spaans-talige website.
Todo la información del centro de conocimiento desde hoy también disponible en español (leer mas>) Lees verder
Belangrijk hulpmiddel bij de behandeling. Ook voor proffessionals. Lees verder
Bij een juiste therapie van bedplassen staat het kind centraal en niet zozeer het bedplassen. Een kind dat er zelf niet mee zit, moet (en kan) men dan ook niet behandelen. De motivatie van het kind, en van de ouders, is de belangrijkste voorwaarde voor succes. Een aantal algemene therapeutische principes van iedere therapie zijn daarnaast:
Een eerste stap in elke behandeling is het kind te prijzen of te belonen als het een nacht droog gebleven is. Straffen wanneer het mis gaat maakt het kind alleen maar nerveuzer. Het bedplassen neemt daardoor toe en het kind ontkent het probleem liever dan mee te werken aan een oplossing.
Bedenk daarbij dat het niet in alle culturele milieus een vanzelfsprekendheid is om kinderen te prijzen! In hun gezinssituatie, met name bij allochtone patiënten, is dit moeilijker bespreekbaar.
Een methode van positieve stimulatie is de kalendermethode: iedere keer als het kind een nacht droog gebleven is, mag het een zonnetje of sterretje op een kalender tekenen. Voor een bepaald aantal zonnetjes of sterretjes krijgt het kind dan een vooraf afgesproken beloning.
Opnemen van het kind houdt in dat het kind ’s avonds wakker wordt gemaakt en dan even gaat plassen. Dit kan voordat de ouders zelf naar bed gaan. Sommige kinderen plassen al vrij snel nadat ze slapen in bed. Opnemen moet dan eerder gebeuren. Niet vaker dan 1 maal per nacht. Maak uw kind daarbij wakker, anders leert het slapend te plassen en dat is niet de bedoeling.
Als het kind door opnemen moeilijk weer inslaapt en de volgende dag niet uitgerust is dan kan volstaan worden met opnemen zonder het kind wakker te maken. Eventueel kan dan ook overwogen worden het kind niet goed wakker te maken en half slapend te laten plassen. Dit geldt ook voor kinderen in de overgangsfase naar droog worden. Als het kind met halfslapend plassen droog blijft, dan dit gewoon voortzetten en bijvoorbeeld na 3 maanden tijdelijk stoppen en kijken wat het effect is.
Afspraken met het kind
Het is belangrijk om van tevoren goed met het kind af te spreken op welke manier het wakker gemaakt wil worden. Dit kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld:
Laat het kind dan zelf naar de wc gaan en praat rustig tegen het kind, zodat het goed wakker blijft totdat hij/zij weer in bed ligt. Als het kind de rest van de nacht droog blijft, kan het opnemen elke avond met een half uur vervroegd worden net zolang tot men bij het tijdstip is aangekomen dat het kind één uur in bed ligt. Als het kind na het opnemen moeilijk in slaap komt en ’s ochtends moe is, dan is het beter om (tijdelijk) te stoppen.
Voordeel / Nadeel
Het voordeel van deze methode is dat het makkelijk voor een korte periode gedaan kan worden en het moraal van het kind wordt opgevijzeld. Het nadeel is dat de ouders de verantwoordelijkheid op zich nemen.
Soms lukt het om met één keer wekken droog te blijven. Vaker dan één keer is af te raden, omdat de nachtrust voor zowel het kind als de ouder daarmee teveel wordt verstoord. Bovendien is de kans dat door het geforceerd moeten plassen bij onvolledige blaasvulling het vaker plassen op een nacht wordt bevorderd. Van groot belang is het om het kind goed wakker te maken, anders leert het juist dat het slapend kan plassen. Een hulpmiddels daarbij is het gebruik van het "wachtwoord".
Iedere avond wordt een nieuw wachtwoord afgesproken. Dat kan bijvoorbeeld een favoriete sport zijn of de naam van een idool. Wel moet er elke keer een nieuw woord worden bedacht omdat het anders automatisch wordt opgezegd, het kind moet gedwongen worden om na denken. En het mag pas plassen als het goede wachtwoord is genoemd. Dan kan worden aangenomen worden dat het voldoende wakker is om te weten wat het doet. Het wachtwoord heeft nog een tweede functie: de inprentings-functie. Om droog te worden is het van belang dat het kind alert wordt op de signalen van de blaas en daarvan wakker wordt. Door zich te concentreren op het wachtwoord en de wektijd waarop het goed wakker wil zijn, zal het indirect alert zijn op andere signalen, namelijk die van de blaas. Het is uiteindelijk de bedoeling, dat het kind door de inprenting van het wachtwoord voor het slapen gaan, niet alleen wakker wordt tijdens het wekken, maar ook eventueel gedurende de nacht, als het moet plassen. Het alert slapen kan ook resulteren in het feit dat het kind daardoor de plas ongemerkt ophoudt. De concentratie op het wachtwoord en op het wakker willen worden is analoog aan de situatie waarbij het kind de nacht voor zijn verjaardag anders gaat slapen dan normaal en zodra het kind wakker wordt weet het "vandaag ben ik jarig". Hij/zij is "erop gaan slapen". Een vaste wektijd is eveneens van belang. De beste tijd is anderhalf uur na het slapen gaan. Het kind gaat dus slapen met de inprenting om .... uur wordt ik gewekt, dan moet is goed wakker zijn en mijn wachtwoord is .....
Is het kind na twee weken intensief oefenen en wekken toch nog net zo vaak nat dan heeft het geen zin om door te gaan.
Een goede methode tegen bedplassen die door de meeste artsen wordt geadviseerd, is de plaswekker. Deze plaswekker is te verkrijgen via de huisarts/schoolarts, bij de kruisvereniging of bij de plaswekkerfabrikant zelf. Er zijn verschillende fabrikanten die plaswekkers aanbieden.
De plaswekker kan gebruikt worden vanaf 7 jaar. Van belang is dat het kind zelf van het bedplassen af wil komen en het zelf dus als een probleem ziet. Het kind moet voldoende gemotiveerd zijn om iets tegen het bedplassen te doen. In enkele gevallen is het kind al op jongere leeftijd gemotiveerd. De plaswekker kan eerder gebruikt worden, maar aangeraden wordt dat het kind in ieder geval 6 jaar is.
De plaswekker is een apparaat dat met een draadje verbonden is aan een speciaal broekje of inlegger. Voor het slapen gaan wordt de wekker door het kind samen met de ouders geïnstalleerd. Zodra er ‘s nachts een paar druppels op het broekje komen, gaat de wekker af. Het kind gaat uit bed, zet de wekker af, doet zijn plas op het toilet en vervangt het gebruikte broekje. Dan schakelt het kind de wekker weer in. Zodoende wordt het kind steeds gewaarschuwd op het moment dat de blaas vol is. Als het kind erg moeilijk wakker wordt, maakt de ouder het kind wakker b.v. met een nat washandje op zijn/haar voorhoofd. Na enkele nachten zal het kind sneller wakker worden. Het is heel belangrijk dat het kind echt wakker is, omdat u anders het kind leert bedplassen. Het kind moet ‘s nachts niet slaapdronken naar het toilet gaan, maar alle stappen volgen. Leer het kind vooraf precies wat het moet doen. Het kind moet gaan slapen met het idee "ik moet wakker worden van de plaswekker, als ik het geluid hoor, spring ik uit mijn bed". Indien het bed toch nat is, moet het kind zelf (helpen met) verschonen.
Naast de plaswekker met het broekje bestaan er nog andere twee typen: plaswekker met een mat en een trilkussen die speciaal gemaakt is voor doven en slechthorenden.
Het is beter om de plaswekker niet langer dan vier maanden te gebruiken, tenzij met inschakeling van de huisarts of hulpverlener. Stoppen als het kind 2 weken droog is. De wekker dan nog wel 1 week in huis houden.
Wil de methode een goede kans van slagen hebben, dan moet de plaswekker goed werken en moet er voldoende begeleiding zijn. Het probleem is dat niet iedere fabrikant of kruisvereniging goede begeleiding geeft. Sommige plaswekker fabrikanten, een aantal GG en GD en zorgverzekeraars geven begeleiding. Voor informatie kunt u contact opnemen met het KCB.
Artsen adviseren ook in bepaalde gevallen de plaswekker in combinatie met Minrin, een preparaat dat ervoor zorgt dat er minder urine wordt aangemaakt. De plaswekker in combinatie met Minrin werkt voor het kind motiverend, omdat als er eenmaal niet in bed wordt geplast het zelfvertrouwen toe kan nemen.
De Droogbedtraining is verdeeld in drie fasen:
Deze fase kan het beste worden uitgevoerd in de nacht voorafgaand aan een vrije dag zodat ouder en kind de volgende dag kunnen uitslapen. In deze nacht wordt het kind elk uur gewekt met de plaswekker. Deze fase is verdeeld in vijf onderdelen:
De nachten na de eerste intensieve nacht wordt voor het slapen gaan begonnen met 5 positieve oefeningen. Het kind wordt verteld dat het fijn is dat het droog blijft en dat na een ongelukje de positieve oefeningen en de verschoningsoefeningen nodig zijn.
's Nachts wordt het kind op een vaste wektijd wakker gemaakt beginnend bij 0.30 uur. Na iedere nacht wekt de ouder het kind een half uur vroeger.
Bij een ongelukje herhaalt de procedure zich als in fase 1, onder d.
Na een droge nacht complimenteren de ouders het kind.
Als het kind 14 nachten achter elkaar droog is geweest, is de training klaar. Dit betekent dat:
Bij een ongelukje worden weer verschoningsoefeningen en positieve oefeningen (zonder wekker) gedaan. Als binnen een week 2x een ongelukje voorkomt, dan moet fase 2 opnieuw uitgevoerd worden totdat weer 14 droge nachten achter elkaar zijn bereikt.
Positieve oefening: Op bed wordt een leuk spelletje gedaan. De ouder zet onopvallend de wekker aan, waarop het kind als de wekker afgaat deze zelf afzet om vervolgens de oefening af te maken (opstaan, wekker afzetten, broekje uitdoen, naar de w.c. gaan enz.)
De DBT is bedoeld voor hardnekkige bedplassers. Alvorens in aanmerking te komen voor de DBT heeft het kind alle andere behandelingen (zie paragraaf 1, de stappen 1, 2 en3) al doorlopen zonder resultaat. De professional neemt een extra anamnese af met aandachtspunten om zicht te krijgen op het probleem en om de juiste behandeling voor te stellen.